Wij zijn een kerk van leden voor leden en door leden

     Hij vertelde dat hij lid was van de Gereformeerde Gemeente maar dat hij zich bij een andere Gereformeerde Gemeente beter voelde omdat ze daar strenger waren dan in zijn eigen gemeente maar dat hij dat ook wel vreemd vond omdat hij lid is van een hele Nederlandse Gemeente waar dan alles overal hetzelfde zou moeten zijn.

     Ik had een heel gesprek met hem, daar, bij de fysiotherapie in het verpleeghuis waar ik vrijwilliger ben. Ik weet niet hou oud hij was maar toch zeker vijftien jaar ouder dan ik.

     Ik gaf hem groot gelijk en vertelde hem dat de kerk waar ik lid van ben de oorspronkelijke kerk van Jezus is die in 1830 in Utah (Amerika) is hersteld en dat ongeveer veertien procent daarvan in Utah is terwijl ruim vijftig procent buiten de Verenigde Staten woont en dat overal waar je komt het er precies hetzelfde aan toegaat en dan te bedenken dat wij ongeveer dertigduizend kerkgemeenten over de gehele wereld hebben.

     Hij vertelde dat in de verschillende kerkgemeenten vaak maar één predikant is, die al behoorlijk op leeftijd is en hoe dat daar straks verder moet, want er moet toch in dat kerk genootschap een predikant zijn. Hij sprak daar zijn bezorgdheid over uit en zei dat hij daar best wel eens medelijden mee heeft, dat hij wel iets voor ze zou willen doen.

     Ik begon met hem mee te leven, dat hij op zijn hoge leeftijd daar zo mee worstelde. Ik vertelde hem dat onze kerk iedere maand tijdschriften drukt in verschillende talen, dat er met meer dan vijftigduizend zendelingen in 162 landen zendingswerk wordt gedaan, dat onze kerk buiten Europa gestaag doorgroeit en dat een bisschop of gemeentepresident zonder financiële vergoeding iedere week vele uren besteed om zijn kerkgemeente te leiden.

      Hij vroeg zich af hoe dat mogelijk is want hij vindt het mormoons geloof - zoals alle geloofsvormen - een complex en moeilijk te beschrijven onderwerp. Het unieke karakter van de beleving van geloof was in zijn opinie een onderwerp van schriftstudie om te zoeken naar het uiterst persoonlijk en onbewijsbare karakter ervan.

     Ik zei toen dat hij zich vergiste, dat het bij ons een kerk is van de leden, voor de leden en door de leden en dat ik dat kon uitleggen met een voorbeeld: Stel dat mijn buurvrouw ernstig ziek wordt. Ze bidt vurig dat God haar met gezondheid zal zegenen, haar gemoedrust zal geven en haar zal helpen om voor haar kinderen te zorgen. Ik hoor dat zij ziek is en God geeft mij de ingeving haar te helpen. Als ik namelijk naar zijn influisteringen luister, weet ik dat ze een bezoekje, hulp met haar kinderen en wellicht een warme maaltijd nodig heeft. Ik ga dan van het standpunt uit dat als wij de mensheid dienen, wij ook God dienen en zo dienen wij gewillig in onze kerkgemeente. Wij geven les in een zondagsschoolklas, leiding aan jongeren, organiseren dienstbetoonprojecten of maken het kerkgebouw schoon.

     Hij voelde zich opeens nog behoorlijk gezegend met zoveel predikanten. Hij had graag ook een ambt in zijn kerk willen uitoefenen, maar hij wist dat daarvoor een roeping nodig is. Hij verontschuldigde zich door te stellen dat hij de boel misschien een beetje door elkaar had gehaald en dat hij hoopte dat ik hem begreep. Hij voelde zich nog heel goed thuis in zijn gemeente en daarom zou hij daar ook met volle overtuiging lid van blijven. Ik was blij dit te horen want het is ook zijn heerlijk doel om zich voor te bereiden God te ontmoeten. En dit getuig ik in Jezus naam. Amen.