Het pesten op school in mijn tijd

     Ik, op mijn leeftijd van 69 jaar, wordt, door berichtgevingen in het nieuws, herinnerd aan de tijd toen ik op school zat. Ik werd ook gepest maar dat was nog niets bij hetgeen ik nu allemaal te horen en te lezen krijg. Ik weet nog goed dat ik tijdens de les houtbewerking op de ambachtschool, ook wel LTS genoemd, telkens, wanneer ik mijn duimstok uit het duimstokkenzakje van mijn overall wilde halen, deze met lijm was ingesmeerd. Ik was namelijk zo met mijn werk bezig en ik wilde zo graag goede cijfers halen, dat ik niet in de gaten had dat mijn klasgenoten dit met mij deden. O wat hadden die klerelijers een pret als ik weer eens met mijn rechter hand in de lijm greep, terwijl de leraar het niet eens in de gaten had.

     Maar toen ik in de gaten had dat ze mij op de korrel namen en weer zo'n klerelijer mijn duimstok stiekem uit mijn duimstokkenzakje wilde halen, toen pakte ik mijn werkstuk van mijn werkbank en liet die tegen het hoofd van die klerelijer aankomen. Dit was volgens hen zo gemeen dat er na schooltijd wel even op mij gewacht zou gaan worden. De hele klas en ook klerelijers van andere klassen stonden mij inderdaad joelend op te wachten. De sterkste onder hen zou het wel eens even tegen mij opnemen.

     Ik was bang en dat is nog zachtjes uitgedrukt. Ik kon niet weglopen want ik stond opeens midden in een kring. De angstgolven gierden door mijn lichaam en het klamme zweet brak mij uit. De sterkste kwam op mij af en voor dat hij maar iets had kunnen doen gaf ik hem een angstklap tegen/op zijn neus waarmee ik hem totaal uitschakelde. Anderen probeerden het van hem over te nemen maar ook die kwamen er niet zonder klerenscheuren vanaf. Mijn angst maakte mij opeens zo sterk dat ik iedereen aankon. De moderator van de school maakte een einde aan dit festijn en de sterkste bleek een gebroken neusbeen te hebben en was voor veertien dagen uitgeschakeld. De moderator nam het bij de directie voor mij op en de klerelijers hebben mij nooit meer gepest.

     Contacten met anderen kunnen een bron zijn van allerlei leuke en plezierige belevenissen zoals bijvoorbeeld liefde, gezelligheid, gewaardeerd worden of vertrouwd worden. Maar omgekeerd komt ook voor en dan lijdt men aan angst en psychische pijn. Dit komt niet alleen op school voor maar onder alle lagen van de bevolking.

     Liefde is de kern van het evangelie en zo belangrijk dat Jezus dit het eerste en grote gebod noemde. Hij zei ook dat alle andere onderdelen van de wet en de woorden van de profeten eraan hangen. (Zie Mattheüs 22:36-40.)

     Liefde is het centrale motief voor alles wat de leden van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen' in de kerk doen. Elk programma, elke bijeenkomst, elke handeling waar we als discipel van Jezus Christus bij betrokken zijn, dient uit deze eigenschap voort te komen, want zonder naastenliefde, 'de reine liefde van Christus', zijn wij niets. (Zie Moroni 7:46-47.)

     Maar hier blijft het niet bij want als we eenmaal met ons verstand en hart begrijpen, als we onze liefde voor God en onze medemens verklaard hebben, wat dan? Is mededogen en liefde voor anderen voelen genoeg? Het antwoord is nee! Wij moeten dit ook in praktijk brengen en dat wordt de mens in genoemde kerk geleerd. Het is echt jammer dat er zoveel mensen niet meer naar een kerk gaan want hieraan kunnen wij zien wat de mensheid te kort komt in het opvoeden van hun kinderen en het tegenovergestelde daarvan kunnen bereiken als ouders op het rechte pad blijven en dit getuig ik in naam van Jezus Christus. Amen.