Wij hadden Zijn paden naar geluk moeten volgen

 

     We leven in een nieuw aardtijdperk: het tijdperk waarin het aardse klimaat en de atmosfeer de gevolgen ondervinden van menselijke activiteit. De wereld denkt dat na 12.000 jaar de relatief warme periode of tussenijstijd, wordt afgelost door een nieuwe tijd, een periode waarin overal sporen van de mens in de natuur zijn terug te vinden, zoals de gevolg van industrialisatie of van onze verbrandingslust. Ik denk dat dit na hooguit 6.000 jaar gebeurt want volgens het scheppingsverhaal is het ongeveer 6.000 jaar geleden dat onze aarde werd geschapen.

 

    Het lijkt er op dat de natuur laat weten dat zij onze manier van leven niet meer aankan, dat zij dat niet meer op zich laat zitten: Er zijn razende orkanen, smeltende ijskappen en overstromingen, alsof de overheerste natuur met volle kracht terug slaat. Er lijkt een einde gekomen aan het feit dat de aarde en de natuur het onveranderlijke schouwtoneel vormde, die de achtergrond was voor een romantische wandeling, ja, de ontspannende omgeving waarin het heerlijk verpozen was. Nu blijkt dat onze natuur niet langer het oneindig groot depot voor onze afvalstoffen wenst te zijn, want haar geduld is op.

 

     Het is ook wel logies dat het er zo aan toe gaat want de geboden van God zijn jaren geleden al door de mens losgelaten. Alle geboden van God gehoorzamen heeft met de paden naar geluk te maken. Nadat de Nephieten zich van de Lamanieten hadden afgescheiden, werden ze uitermate voorspoedig. Ze onderhielden namelijk nauwgezet de gerichten, inzettingen en geboden 'van de Heer in alles, volgens de wet van Mozes.' (Zie 2 Nephi 5:10.)    

 

    Als we namelijk de geboden hadden onderhouden, zou ons leven gelukkiger en minder gecompliceerd zijn geweest, en ons meer voldoening hebben geschonken. Onze moeilijkheden en problemen zouden draaglijker zijn geweest en we zouden de beloofde zegeningen van God ontvangen hebben. (1) Hij heeft ook gezegd: "De kennis waar wij naar streven, de antwoorden waar wij naar verlangen en de kracht die wij in deze tijd wensen om de moeilijkheden van een gecompliceerde, veranderende wereld tegemoet te treden, kunnen wij krijgen als we bereidwillig de geboden van de Heer gehoorzamen." (2)

 

     De Heiland smeekt ons: "Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht. Wie Mijn geboden heeft en die in acht neemt, die is het die Mij liefheeft, en wie Mij liefheeft, hem zal Mijn Vader liefhebben; en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren." (Zie Johannes 14:15, 21.)

 

    Het gouden pad naar geluk bestaat uit onzelfzuchtigheid en liefde - liefde die zich bekommert om, interesse toont in en naastenliefde heeft voor elk levend wezen. Liefde is de rechtstreekse weg naar het geluk dat ons en andere mensen overvloedig tot zegen zal zijn. Dat betekent dat je zelfs, op aanwijzing van de Heiland, je vijanden liefde betoont. (Zie Mattheüs 5:44.) Daarmee vervul je het grootste gebod om God lief te hebben. Dan stijg je boven alle winden van ellende - boven al het verachtelijke, alles waarmee je jezelf hindert en alle verbittering - uit. Waar en blijvend geluk komt alleen als je 'de Heere, uw God, liefhebt met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand.' (3)

 

     Moge ieder van ons ervoor kiezen om de Heer lief te hebben en zijn paden naar geluk te volgen. Dat is immers het doel van ons bestaan. En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.

 

(1. Zie Thomas S. Monson, 'Onderhoud de geboden', Liahona, november 2015, blz. 83.)

 

(2. Thomas S. Monson, 'Door gehoorzaamheid ontvangen we zegeningen', Liahona, mei 2013, blz.92.)

 

(3. Zie Mattheüs 22:37; zie ook Deuteronomium 6:5; Markus 12:30; Lukas 10:27.)